De Zevende Zoon

De Zevende Zoon

Ergens in een landelijke wijk van een dorpje in Vlaanderen ....

 

Het buisje van Peer Van den Hout was een boerderijtje, maar om in de noden van zijn gezin te voorzien (vrouw en zes jongens!) deed Peer drie van zijn vier koetjes van de hand en ging uit werken in Wallonië.

Als het stuk begint, verwacht zijn vrouw Sis haar man die over het weekend naar huis komt. Maar dat is niet de belangrijkste gebeurtenis. Zij verwacht ook een zevende kind!

Er zijn al zes jongens, dus als de boreling weer een bet mannelijk geslacht is, zal het feest zijn in 't dorp en wordt de koning peter! Maar ... wie moet de koning op de doopplechtigheid vertegenwoordigen? De burgemeester of de schepen? De twee kunnen het helemaal niet met elkaar stellen en Peer speelt de twee politiekers tegen elkaar uit. De oudste zoon Karel heeft feitelijk geen aardje naar zijn levensluchtig vaartje. Hij is een dichterlijke dromer en is verliefd op de juffrouw uit de bungalow.

Bij Ben woont nonkel Spoor, een gepensioneerde spoorwegambtenaar die al een beetje (veel) kierewit is. Wat de ijverige vroedvrouw Stiene en de bizarre dokter het stuk komen doen, ligt zo voor de hand:

Wis helpen bij de geboorte:

Maar ... Wordt er niet te vroeg gefeest bij Van den Hout? Wordt er niet te vroeg gelachen met de zottigheden van nonkel Spoor? Zal de koning komen? Of is 't de Koningin?

Want ... Komt er wel een zevende zoon?????

 

Foutje op de site ontdekt? mail het naar: webmaster@wantrien.be

©2017